Inheemse Volken - klimaat

 

 

 

 

 

 

VLAAMS CENTRUM VOOR INHEEMSE VOLKEN (VCIV)

FLEMISH CENTRE FOR INDIGENOUS PEOPLES

 

 

 

Inheemse Volken - KLIMAAT

 

 

Klimaatverbond

 

In 1994 lanceerde het Vlaams Overleg Duurzame Ontwikkeling (VODO) het initiatief dat een alliantie nastreeft tussen lokale overheden uit industrielanden en inheemse volken uit het Amazonebekken. De bedoeling ervan is het broeikaseffect dat een bedreiging voor het klimaat in de wereld vormt, tegen te gaan door het verminderen van de uitstoot van broeikasgassen en andere milieumaatregelen in het noorden en door het beschermen van de tropische bossen in het zuiden. Het is dringend nodig om aandacht te vragen voor positieve maatregelen om de klimaatswijziging beheersbaar te houden. Voor inheemse volken is deze kwestie van levensbelang.

Het Klimaatverbond is een vereniging van Europese steden en gemeenten die een verbintenis zijn aangegaan met inheemse volken uit het regenwoud van het Amazonegebied, verenigd in COICA (Coördinatie van Inheemse Organisaties van het Amazonebekken). Deze wereldwijde alliantie deelt een gemeenschappelijke zorg over het klimaat van de wereld en steunt op betrokkenheid op lokaal niveau. Het Klimaatverbond wil het klimaat wereldwijd beschermen door de uitstoot van broeikasgassen in het geïndustrialiseerde Noorden sterk te reduceren en de regenwouden op het zuiden van onze planeet te behouden. Middels het verbond met inheemse volken worden deze volken gesteund in hun strijd voor het verkrijgen van primaire rechten zoals hun erkenning als volk en het leven in hun natuurlijke omgeving naar eigen inzicht en traditie.

Manifest van Europese gemeenten aangaande een verbond met de volken in het Amazonegebied.

Europese gemeenten, zetten zich volledig in, om door beperking van het energieverbruik en door vermindering van het gemotoriseerde verkeer, de belasting van de atmosfeer te doen afnemen.Zo kunnen voor toekomstige generaties bevredigende levensvoorwaarden behouden blijven.

Europese gemeenten streven ernaar de emissie van CO2 tot het jaar 2010 per hoofd van de bevolking te halveren en later stapsgewijs verder te doen dalen

 

Europese gemeenten streven ernaar het gebruik van chloorfluorkool-waterstoffen (CFK’s) onmiddellijk te stoppen.Verder moeten andere vormen van verstoring van het woud in vraag gesteld worden : onbegrensde veeteelt, kolonisatieprojecten, gebruik van pesticiden, monoculturen, bouw van waterkrachtcentrales, schadelijke mijnbouw en oliewinning. De bossen binden kooldioxide waarvan wij op onze wijze de emissies in de atmosfeer proberen in te dammen.

Europese gemeenten ondersteunen de inspanningen van de inheemse volken in het Amazonegebied voor het behoud van de tropische regenwouden, hun levensbasis, door landdemarcatie en duurzaam gebruik van het grondgebied van de Amazone. Met hun verdediging van bossen en rivieren dragen zij ertoe bij dat onze atmosfeer voor toekomstige generaties behouden blijft als basisvoorwaarde voor menselijk leven. Hout uit tropische regenwouden mag daarom noch geïmporteerd, noch gebruikt worden.

 

Partners in het Amazonegebied.

COICA telt negen lidorganisaties in de negen landen van het Amazonebekken. Al deze organisaties vertegenwoordigen inheemse volken die overal met hetzelfde probleem worden geconfronteerd : ze worden bedreigd in hun fysiek overleven en hun traditionele levenswijze door de roofbouw die de moderne beschaving pleegt op het tropisch regenwoud, dat hun woongebied vormt. Uit verzet tegen deze aanslagen op hun menselijke integriteit en op het milieu hebben ze zich verenigd in grotere en kleinere federaties met de bedoeling samen sterk te staan in de strijd.

 

Partners in het noorden.

Om het klimaat te beschermen moet de uitstoot van broeikasgassen tastbaar worden verminderd door energiebesparing en door de invoering van hernieuwbare energiesystemen: door een beleid ten aanzien van vervoer, afvalverwerking, landbouw, bosbouw en toerisme dat rekening houdt met klimaatbescherming, en door het betrekken van huishoudens, overheids- en privé ondernemingen bij de inspanningen voor de bescherming van het klimaat. Belangrijk hiervoor is de LokaleAgenda 21. Het klimaatverbond voegt daar specifiek de alliantie met inheemse volken aan toe.

Deze alliantie met inheemse volken betekent concreet steun aan de belangen en rechten van de inheemse volken van het regenwoud op nationaal en internationaal vlak en aanmoediging van het dialoogproces tussen inheemse volken, overheden, privé sector en internationale instellingen inzake een ecologisch duurzaam gebruik van de tropische bossen met eerbiediging van de rechten van de betrokken volken

 

Klimaatsverandering bedreigt ook rendieren.

De opwarming van de aarde heeft een hinderlijk gevolg voor rendieren, kariboes en elanden in de permafrostgebieden in de Arctics. Wanneer de regenval op sneeuw toeneemt, kan zich een ijskorst vormen die deze dieren voor grote problemen stelt. Zij kunnen de ijsplak niet breken om bij het voedsel te komen, waardoor er een toenemend aantal dieren sterft.

Onderzoekers van de universiteit van Washington in Seatlle hebben aan de hand van weergegevens en bodemmonsters bestudeerd hoe het ijs word gevormd. Het regenwater sijpelt door de sneeuw en bevriest vervolgens op de koude permafrostbodem. Sterke zuidelijke winden, stormen en het binnenstromen van warme lucht verhogen allemaal de kans op regen in plaats van sneeuwbuien. Dit weerpatroon wordt Noord-Atlantische oscillatie genoemd. De onderzoekers voorspellen dat tegen het jaar 2080 veertig procent meer landoppervlak door dit weerfenomeen zal worden getroffen, waardoor de biotoop die er voor de rendieren overblijft nog kleiner wordt dan die al is.

Bron : Arctic Bulletin nr 15 - Arctic Peoples Alert

 

 

 

 

Klimaatconferentie Parijs 2015 (COP21

 

Van 30 november tot en met 11 december 2015 vindt in Parijs de eenentwintigste jaarlijkse klimaatconferentie van de Verenigde Naties plaats: de zogenaamde COP21. COP staat voor de Conference of Parties; hierbij komen alle partijen die onderdeel uitmaken van het UNFCCC, het klimaatverdrag van de Verenigde Naties, bijeen.

Doel van de conferentie is een nieuw klimaatakkoord te bereiken. Dat moet in 2020 ingaan, wanneer het huidige verdrag (het Kyoto-protocol) afloopt.

Vorig jaar, tijdens de Conference of the Parties in Lima, werd al een raamwerk voor het overleg in Parijs bereikt. Alle deelnemende landen moeten voor COP21 plannen indienen bij de VN om de eigen CO2-uitstoot in te perken. Dit hoeven echter geen concrete plannen te zijn. Er komen dus geen internationale bindende emissiereductiedoelstellingen. Verschillende milieuorganisaties spreken dan ook van een zwak en inefficiënt compromis.

 

Achtergrond

In de jaren ’60 en ’70 van de vorige eeuw kwamen klimatologen tot de conclusie dat de aarde opwarmt. Al snel werd een verband ontdekt tussen deze opwarming en de toename van CO2 in de atmosfeer. In 1992, twintig jaar na deze ontdekkingen, kwamen bijna alle landen bijeen en zij verenigden zich in de VN-klimaatconferentie UNFCCC (United Nations Framework Convention on Climate Change). In dit klimaatverdrag staat beschreven dat de partijen samen moeten werken om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen om daarmee de opwarming van de aarde tegen te gaan.

In 1995 werd tijdens de conferentie in Berlijn besloten dat er een nieuw akkoord nodig was. Dit leidde uiteindelijk tot het tekenen van het Kyoto-protocol in 1997, met als opvallende afwezige de Verenigde Staten. Tijdens de klimaatconferentie van Doha in 2012 werd besloten het Kyoto-protocol te verlengen tot 2020. Daarna zou een nieuw klimaatverdrag in werking moeten treden.

De beslissing om een nieuw klimaatverdrag op te stellen werd genomen tijdens de klimaatconferentie in Durban in 2011. Hier werd afgesproken dat tijdens de conferentie in Parijs een nieuw verdrag moet worden gesloten.

 

Klimaatconferenties

De UNFCCC coördineert het internationale klimaatbeleid door elk jaar een Conference of Parties(COP) te organiseren. Tijdens deze conferenties vergaderen ministers en hoge ambtenaren uit vrijwel alle landen ter wereld over het klimaat. Samen bespreken zij aan de hand van de laatste wetenschappelijke informatie manieren waarop men de uitstoot van broeikasgassen kan verminderen om zo klimaatverandering te beperken.

 

Doelstellingen voor conferentie in Parijs

Veruit de belangrijkste doelstelling in Parijs is om tot een nieuw klimaatverdrag te komen, dat in 2020 van kracht kan gaan.

De VN publiceerde op 5 oktober 2015 een aangepast ontwerp over de doelen van het klimaatverdrag. Deze aanpassingen werden gedaan na kritiek op de vorige ontwerpen, die te lang en omslachtig waren. In het nieuwe ontwerp wordt naast de verlaging van de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen ook gesproken over een controleproces.

Dit controleproces houdt in dat in de jaren na de klimaattop de nationale overheden hun nationale doelen voor het verlagen van de broeikasgassen iedere vijf jaar moeten communiceren. Verder moeten armere landen financieel ondersteund worden om de doelstellingen te halen. Overheden en de private sector moeten daaraan bijdragen.

 

Kritiek

Hoewel het Kyoto-protocol door bijna alle landen erkend wordt, is een veel gehoord punt van kritiek dat het verdrag niet ver genoeg zou gaan om klimaatverandering tegen te gaan en dat de gestelde doelen niet logisch zijn, met als gevolg te weinig CO2-reductie. Anderen vinden de doelen juist te ver gaan, het Kyoto-protocol zou namelijk leiden tot ongewenste afname van de economische groei.

Klimaatovereenkomsten zijn vaak voorzichtig en er bestaan grote verschillen tussen de wensen van de deelnemers. In 2013 stapten tijdens de conferentie in Warschau een aantal non-gouvernementele organisaties, waaronder Greenpeace, Oxfam Novib en het Wereldnatuurfonds, op omdat ze van mening waren dat rijke landen niet genoeg inzet toonden om klimaatverandering te bestrijden.

 

Europa en het klimaatverdrag

Sinds het begin maakt de EU onderdeel uit van de UNFCCC; zij behoort ook tot de ondertekenaars van het Kyoto-protocol. Bij de totstandkoming van dat protocol was de EU een vooruitstrevende partij, en ook nu wil de Europese Unie een leidende rol aannemen. Zo was de EU een van de drijvende krachten die de VN wilde laten onderhandelen over een nieuw klimaatverdrag dat in 2015 moet worden afgerond. Met name de grote West-Europese landen willen vastleggen dat de uitstoot van CO2 in 2030 40 procent lager moet liggen dan in 1992. Voor een aantal Oost-Europese landen ligt dit punt nog iets gevoeliger.

West-Europa staat echter niet alleen wanneer het aankomt op ambitie. In 2014 werd in de slotverklaring van de G7-top in Brussel door de wereldleiders gesteld dat zij ‘vastbesloten’ waren om tijdens de klimaatconferentie in Parijs een ambitieus akkoord te bereiken.

In maart 2015 heeft de EU na goedkeuring van de milieuministers in Brussel, een voorstel bij de VN ingediend om de uitstoot van broeikasgassen in 2030 met 40 procent te verminderen.

Op 18 september 2015 stelde de raad Milieu de positie van de Europese Unie voor de klimaattop in Parijs vast. Het belangrijkste doel van de EU is om de opwarming van de aarde onder de 2°C te houden. Hiervoor is het belangrijk dat de wereldwijde uitstoot van broeikasgassen in 2050 afneemt met ten minste 50 procent ten opzichte van 1990. In 2100 moet de uitstoot zijn teruggebracht tot het niveau van 1990.

Het Europees Parlement heeft op 14 oktober 2015 een resolutie aangenomen over de klimaattop. Het EP schaart zich achter het doel om de uitstoot van broeikasgassen met 40 procent te verminderen in 2030. Verder wil het EP dat in 2030 30 procent van de energie opgewekt wordt door duurzame energiebronnen. Om dit te bereiken wil het EP een deel van de opbrengsten van het emissiehandelssysteem aanwenden voor klimaatmaatregelen. Bovendien vindt het EP het belangrijk om duidelijke afspraken te maken met de internationale transportsector, zij zijn immers verantwoordelijk voor een groot deel van de uitstoot.

Het verdrag moet volgens de resolutie vijf jaar gelden en juridisch bindend zijn. Ook moet het compleet afbouwen van de CO2-uitstoot in 2050 of kort daarna centraal komen te staan, om zo de opwarming onder de twee graden Celsius te houden.

 

 

Link :

Klimaatconferentie Parijs 2015

http://www.europa-nu.nl/id/vjmhg41ub7pp/klimaatconferentie_parijs_2015_cop21

www.caneurope.org